1897-1997 Een eeuw ‘Diemer Harmonie’

1897-1997

Een eeuw ‘Diemer Harmonie’

Door: Wiard Krook, Historische Kring Diemen

Na de Diemer IJsclub is de Diemer Harmonie de oudste vereniging in Diemen. In 1997 vierde deze vereniging haar honderdste verjaardag, wat voor een amateurgezelschap een unieke en respectabele leeftijd is. In de afgelopen honderd jaar is er nogal wat veranderd in Diemen. Wat bleef is het enthousiasme van de Diemer Harmonie, die tot op de dag van vandaag menigeen pleziert met haar muziekuitvoeringen.

Diemer Fanfarekorps

Aan het eind van de vorige eeuw werd door een klein aantal Diemense muziekliefhebbers de kiem gelegd voor de oprichting van een fanfare. Een belangrijke rol hierbij speelde schoolmeester Prins. Naast het geven van muziekles was hij tevens de eerste dirigent. De leden van het eerste uur waren gewone Diemenaren, zoals een medewerker van de gasfabriek, een melkboer en een kruidenier. De feitelijk oprichting van de Muziekvereeniging Diemer Fanfarekorps vond op 20 maart 1897 plaats in café De Reiger (van eigenaar K. Pereboom) aan de Muiderstraatweg waar K.B. Fenenga tot voorzitter werd gekozen. Aanvankelijk werden de repetities in dit café gehouden. Ook het toenmalige gemeentebestuur was zeer betrokken bij de fanfare. In 1903 werd burgemeester jh. E.W.E. Bicker zelfs bereid gevonden beschermheer te worden. Er mocht toen ook in de kelder onder het raadhuis geoefend worden. Het Diemense raadhuis was in die tijd gevestigd in een fraai pand aan de Hartveldseweg, het huidige kantoor van Makelaardij Streppel & Van Keller, voorheen Makelaars o.g. Kaskens BV.

Vaandel

De muzikale leiding van het pas opgerichte fanfarekorps berustte bij Johan Schuitenmaker, geen onbekende in de zogenaamde ‘dilettantenmuziekwereld’. Het Diemer Fanfarekorps was op vele muziekconcoursen present. Dankzij de deskundige leiding van Schuitenmaker klom de fanfare op tot in de hoogste afdeling. Naast concoursen in het hele land gaf het Diemer Fanfarekorps ook regelmatig concerten in Diemen, met name in de muziektent. Deze fraaie houten muziektent stond centraal in het dorp op het uiterste puntje van het eilandje De Sniep, waar de Weespertrekvaart zich afsplitst van de Muidertrekvaart, toen nog Keulse Vaart geheten. Het publiek stelde zich dan op langs de kaden van de Muiderstraatweg en de Prins Hendrikkade. Ter gelegenheid van de Koninklijke goedkeuring op 11 augustus 1900 uitte de Diemense burgerij haar dank voor het vele muziekgenot dat zij mocht ontvangen met de aanbieding van een echt vaandel. Het was het eerste, maar beslist niet het laatste vaandel van de vereniging.

Diemer Harmonie

Zoals het woord ‘fanfare’ reeds uitdrukt, bespeelden de leden van het muziekgezelschap uitsluitend ‘klein- en grootkoperen’ instrumenten en een grote trom. Met het stijgen van het succes van de Diemer Fanfare nam ook het ledental van de vereniging toe. Tevens was het aantal verschillende instrumenten ook gegroeid met onder andere saxofoons (waaronder een sopraan sax) en kleine trommels. Piet Swager besloot na het vijftienjarige jubileum in 1912 het orkest uit te breiden met houten blaasinstrumenten, zoals klarinetten, hobo’s en fluiten. Later kwamen daar nog een strijkbas en pauken bij. Zo werd de fanfare nu een echt harmonieorkest. De naam werd dan ook omgedoopt in Muziekvereeniging ‘Diemer Harmonie’. De omzetting ging natuurlijk niet zonder problemen, want de opleiding van houtblazers kostte jaren. Ook moest men bij muziekconcoursen met het nieuwe orkest weer in de laagste afdeling inschrijven. Het duurde echter niet lang of de Diemense ‘rasmuzikanten’ musiceerden weer op topniveau. Er werd een aantal malen per week gerepeteerd in het gymnastieklokaal van de openbare lagere school aan de Ouderkerkerlaan en bij mooi weer op het schoolplein. Uiteindelijk zou Swager in 1922, het jaar dat de vereniging vijfentwintig jaar bestond, zelfs zijn betrekking bij het Concertgebouworkest opgeven, ten gunste van het Diemense orkest waar zijn hart naar uitging. Overal oogstten zij lauweren. Voor de meeste van de andere deelnemende harmonieorkesten was de Diemer Harmonie een geduchte concurrent waarmee rekening gehouden diende te worden. Niemand weet het meer precies, maar het aantal eerste en ereprijzen loopt ongetwijfeld in de honderden.

Financien

Ondanks het feit dat het de Diemer Harmonie voor de wind ging was er een chronisch geldgebrek. Uniformen en muziekinstrumenten: het kostte veel geld. Een brief aan “den Heer Burgemeester van Diemen”, gedateerd 17 juli 1924, getuigt hiervan:

Edelachtbare Heer,

Namens het Bestuur der Muziekvereeniging “Diemer-Harmonie” verzoekt ondergetekende, secretaris van bovengenoemde vereeniging U Edelachtbare beleefd om Uw toestemming, om met muziek een rondgang te maken in het dorp op a.s. Maandag en Woensdagavond, waarbij dan tevens een collecte gehouden zou worden, vanwege de slechte financieele toestand der Vereeniging.

Hoogachtend, Uw dw. H.C. Houtman.

Waarschijnlijk leverde de collecte niet voldoende middelen op, want op 30 juli verzocht Houtman de gemeente door middel van een gezegelde brief om een subsidie van f. 500,- aangezien de vereniging zich niet langer zonder steun kon handhaven (4). Per brief d.d. 6 augustus van hetzelfde jaar kende de gemeente een subsidie van f. 25,- toe (5). Onder Piet Swager ontwikkelde de Diemer Harmonie zich in de jaren dertig tot een bloeiende vereniging van meer dan vijftig leden. In 1932 kreeg de harmonie een nieuw vaandel. Ook deze werd weer volgehangen met medailles, lauwertakken en -kransen die in de wacht werden gesleept bij concoursen en marswedstrijden. Medio 1934 waren het er zoveel dat er twee extra vaandels nodig waren. Piet Swager, de man waaraan de Diemer Harmonie zoveel aan te danken had, overleed in 1936. Zijn muzikale erfenis aan de Diemer Fanfarekorps en de Diemer Harmonie in de periode 1908-1936 voor concert-, ere- en marswedstrijden bestond uit niet minder dan 57 eerste, 32 tweede en 10 derde prijzen, alsmede 18 extra prijzen voor het hoogste aantal punten. De vereniging had grote moeite het zware verlies te boven te komen. Gelukkig bleek zijn zoon Willem, die net als zijn vader beroeps klarinettist was, bereid te zijn het dirigeerstokje van zijn vader over te nemen. Met deze jonge dirigent behaalde de Diemer Harmonie ook veel successen in de allerhoogste afdeling. Het jaar 1939 was een bijzonder jaar, want toen werd de fluitiste Gonny Gevers-van der Laan, als eerste vrouw, ingeschreven bij de vereniging.

Muziektent

Nadat de pittoreske muziektent op De Sniep in het begin van de jaren ’30 in onbruik was geraakt werd er naar een andere en tevens beter bereikbare locatie gezocht. Deze werd gevonden op het gemeentelijke sportterrein bij de Ouderkerkerlaan. Om het orkest te beschermen tegen de elementen werd hier een fraaie houten muziektent gebouwd met een verhoogde vloer. De akoestiek, zo vertelt de overlevering, was uitstekend. Eindelijk was er nu genoeg ruimte voor een groot publiek tijdens openluchtconcerten. ’s Winters werd de sportbaan onder water gezet en diende bij vorst als natuurijsbaan. In die periode werd de ‘muziektempel’ gebruikt door de Diemer IJsclub, die de open voorzijde dichtmaakte met behulp van losse schotten met ramen.

Tiende lustrum

Na de Tweede Wereldoorlog pakte ook de Diemer Harmonie de draad weer op. Rond het vijftigste verenigingsjaar in 1947 was het ledental gegroeid tot ca zeventig leden. Ter ere van het tiende lustrum werd op vier zaterdagen in juni en juli 1947 een groot nationaal concours georganiseerd waaraan harmonieorkesten uit heel Nederland deelnamen. De Muziekvereniging ‘Crescendo’ uit Holwerd, het Friese dorp dat veel Diemenaartjes door de barre hongerwinter had geholpen, was ook uitgenodigd. Trots kon de Diemer Harmonie nu pronken met maar liefst vijf vaandels. Hoe de sfeer was getuigt een gedicht uit deze bloeiperiode:

Als Swager voor zijn mannen staat, dan is de zaak ok, Dan stemt de tuba en de bas, is ieder lid gedwee Trompetten, bugels, saxofoon, kiezen de juiste toon De clarinetten en cornet, die doen ook lustig mee Trombone, pauken, bariton, de piston en de fluit Ze winnen vaak de hoogste prijs, ja groot is steeds hun buit Op Diemen op, laat je beste kansen niet ontgaan Op Diemen op, laat de Harmonie steeds hoger staan Op Diemen op, jullie kunnen alles aan Want de Harmonie van Diemen kan ieder korps verslaan.  

Buitenland

In de jaren ’50 raakte men ook het buitenland bekend met de kwaliteiten van de Diemer Harmonie. Er kwamen regelmatig uitnodigingen binnen om deel te nemen aan internationale muziekconcoursen. Zo reisde het gezelschap, nog steeds onder leiding van Willem Swager, ondermeer af naar Luxemburg. In juli 1950 werd met een grote groep een reis ondernomen naar Zwitserland. In Zurich oogstte men veel succes met onder andere uitvoeringen van de “Onvoltooide Symfonie” van Schubert en de “Ouverture Freischutz” van Von Weber. De dirigent van het Zuricher orkest kon maar met moeite geloven dat het hier een amateurorkest betrof. Het feit dat zelfs de toenmalige Diemense burgemeester H. Dallinga, als beschermheer, begeleider en tolk, de reis naar Zwitserland meemaakte onderstreept de kwaliteit van de Diemer Harmonie.

Alpenjagers

Nu hun terugkeer in Nederland werd door een aantal Harmonieleden, ter herinnering aan hun Zwitserse avontuur, het combo De Alpenjagers opgericht. Toen een Zwitsers orkest uit Zurich-Altstetten een tegenbezoek aan Diemen bracht, werd ze tot hun verbazing begroet met hun eigen streekmuziek, inclusief twee jodelzangeressen.

Uitvoeringen

Wegens gezondheidsredenen moest Willem Swager in 1959, na zich zo’n drieentwintig jaar voor de vereniging te hebben ingezet, helaas terugtreden. Het dirigeerstokje ging vervolgens over naar J.J.H. Gregoire. Het uitkomen op concoursen en officiele gelegenheden vereiste een correcte en uniforme kleding van de Harmonieleden. De aanschaf van nieuwe uniformen was, vanwege de beperkte financiele middelen, al vele jaren problematisch. Men kon echter de hand leggen op de oude uniformen van de KLM Harmonie. Deze uniformen, compleet met pet met glimmende klep, werden voor het eerst gedragen tijdens een concours in Kaatsheuvel op 16 oktober 1960. Om te repeteren kon de Harmonie vanaf 1964 gebruik maken van een zaal op de eerste etage van het nieuwe gymnastiekgebouw aan de Schoolstraat 61. De omstandigheden waren hier echter verre van optimaal. Er hing vaak een doordringende transpiratiegeur, veroorzaakt door sporters die er eerder op de avond op intensieve wijze karate beoefenden. Ook had de kleine zaal een slechte akoestiek. Na afloop van de repetities ging menig Harmonie-lid naar huis met suizende oren, vooral die leden die vlak voor het ‘klein koper’ zaten en de volle laag aan decibellen ontvingen. In de tijd toen de voormalige Diemense burgemeester mr J.H. Strumphler Tideman beschermheer van de Diemer Harmonie was, verdwenen er in ons land helaas vele harmonieorkesten. Met haar ups en downs bleef de Diemer Harmonie echter acte de presence geven bij vele gelegenheden, bijvoorbeeld winterconcerten voor de Kunstkring Diemen, concoursen in Aalsmeer, openluchtconcerten in het Oosterpark of muziekfestivals in gebouw Marcanti te Amsterdam. Meestal stond er een gereserveerde autobus klaar waarin geinteresseerde Diemenaren een plaatsje konden reserveren om maar niets van de uitvoeringen te hoeven missen. Een unicum waren de door de Diemer Harmonie georganiseerde solistenconcoursen. Zo’n ‘Concoursiana’, onder auspicien van de afdeling Noord-Holland van de Nederlandse Federatie van Harmonie- en Fanfaregezelschappen, stond open voor solisten, duo’s en trio’s. Meestal kwam men hiervoor bijeen in de grote zaal van hotel- cafe-restaurant De Kroon aan de Muiderstraatweg 24. Niet zelden werden ook concerten gegeven voor het goede doel, bijvoorbeeld het Prins Bernhard Fonds. Gregoire bleef tot 1965, toen hij naar Leeuwarden vertrok, aan de Harmonie verbonden. Als opvolger werd de Hilversummer B.J. Kling benoemd tot dirigent. Ook onder zijn leiding bleef het succes maar komen. In het eerste jaar van zijn aantreden werd bij het muziekconcours in Loon op Zand de eerste prijs behaald in de allerhoogste afdeling. Tevens werden het hoogste aantal punten van de dag in de zogenaamde ‘vaandel-afdeling’ in de wacht gesleept.

Muziekkiosk

In de jaren ’60 besloot de Diemense gemeenteraad om vrijwel geheel Diemen-Zuid te laten slopen ten bate van nieuwbouw. Zo moesten ook het sportterrein en de muziektent van de Diemer Harmonie er aan geloven. Ter compensatie van het verlies van een vast openluchtpodium liet de gemeente een nieuwe ‘muziektent’ bouwen aan de Prins Bernhardlaan (de locatie waar thans de gemeentelijke Sporthal Diemen is gevestigd). De Diemer Courant omschreef het bouwsel indertijd als “Nis-Hal” en “Muziekkiosk”. De muzikanten protesteerden echter heftig vanwege het feit dat de nieuwe locatie aan de ringspoorbaan zo ver buiten het centrum van Diemen lag. Bovendien denderden er om de haverklap goederentreinen langs, wat het luisterplezier niet bepaald ten goede kwam. Zegge en schrijven heeft de Diemer Harmonie er slechts eenmaal een muziekuitvoering gegeven, namelijk bij de opening op 2 juli 1965. Ze gaf er die avond een openluchtconcert in samenwerking met de Christelijke Gemengde Zangvereniging ‘De Lofstem’ ten bate voor het Anjerfonds. Tenslotte viel het ongebruikte bouwwerk ten prooi aan vandalisme en werd gesloopt.

Jubilea

De afgelopen jaren heeft de Diemer Harmonie heel wat jubilea mogen vieren. Velen zullen zich mogelijk het jubileumconcert ter gelegenheid van het zeventigjarige bestaan in 1967 nog kunnen herinneren. In de voormalige hervormde kerk aan de Ouderkerkerlaan werd een groots concert gegeven met medewerking van het zangkoor De Lofstem. Op 21 en 22 oktober van hetzelfde jaar volgde een solistenconcours in de pilarenzaal van het toen nieuwe wijkcentrum De Schuilplaats aan de Prinses Beatrixlaan. Het ledental van de Diemer Harmonie bestond inmiddels uit 47 mannen en vrouwen. In 1970 volgde dirigent C. Schrijvershof de heer Kling op. Om diverse redenen raakte de belangstelling voor het lidmaatschap van de vereniging geleidelijk aan in een neerwaartse spiraal met het jaar 1975 als dieptepunt. Ook de nieuwe dirigent Kees van Hagen, die van 1976 tot 1978 dirigeerde, kon dit niet voorkomen. Met de komst van dirigent Jean Gruter in 1978 kroop de Harmonie echter weer uit het dal. Gruter, een man met uitzonderlijke muzikale talenten, bedacht een nieuwe opzet voor donateursconcerten door een solist op een bepaald instrument samen met de Diemer Harmonie te laten optreden. Dit initiatief sloeg aan bij het publiek en is inmiddels een traditie geworden. Zo soleerden de afgelopen jaren een pianist, een tuba-ist en een harpist. Een concert in de St. Petrus’ Bandenkerk, georganiseerd ter gelegenheid van de viering van het negentigjarig jubileum van de Harmonie in maart 1987, was een groot festijn. Jean Gruter dirigeerde, naast de Diemer Harmonie, ook de Shell Harmonie, de Harmonie Prinses Irene uit Huizen en het Amsterdams Blazers Collectief. Helaas kwam Gruter na afloop van het jubileumconcert met de mededeling dat hij hierbij zijn carriere bij de Harmonie beeindigde.

Amsterdamned

Tussen de concerten en concoursen door was de Diemer Harmonie ook in voor het verkrijgen van een grotere landelijke bekendheid. Het beste voorbeeld hiervan is de figuratie in augustus 1987 bij de Nederlandse speelfilm “Amsterdamned”, geregisseerd door Dick Maas. Een aantal Harmonieleden voeren, gekleed in een blauwe boerenkiel, in een platte schuit door de Amsterdamse grachten. Als eerbetoon voor zijn werk en als komisch effect mocht Bert Haanstra zelf acteren als dirigent van de Harmonie en hen de bekende compositie “Fanfare” laten spelen. Het waterconcert werd in de film ruw onderbroken door een voorbijracende speedboot waarin natuurlijk de ‘bad guy’ zat. Uiteindelijk nam de ca 20 seconden durende opnamen drie dagen in beslag, maar dat bleek in het gezelschap van de sympathieke Bert Haanstra geen probleem. De voor sommigen te kleine maat klompen was dat wel, maar gelukkig kwamen hun pijnlijke voeten niet in beeld.

Na een moeilijke periode keerde het tij voor de Harmonie. Dankzij de inzet van een aktief bestuur, onder andere voorzitster Diny Koremans en penningmeester Wim Schuurman, lukte het echter de vereniging weer uit de gevarenzone te halen. Als nieuwe dirigent werd Jan Dirk van der Niet aangetrokken. Tot ieders genoegen bleek hij over de gave te beschikken de repetities op een erg prettige wijze te leiden. Het aantal muzikanten begon weer te stijgen tot zo’n 50 orkestleden. Ook waren er een aantal leerlingen. Vanaf 1991 kon de Harmonie beschikken over een moderne repetitieruimte annex concertzaal, namelijk het nieuwe culturele centrum De Omval aan de Ouddiemerlaan.

Workshops

In 1994 nam het bestuur van de Diemer Harmonie het initiatief voor het organiseren van jaarlijkse workshops blaasmuziek. In afzonderlijke secties van hout- en koperinstrumenten worden er uitvoeringen gegeven waarbij veel muzikanten uit de omgeving van Amsterdam belangstelling tonen. Ook nieuw is de deelname van de Diemer Harmonie aan de zogenaamde ABCO-concerten. Aan deze concertseries, geinitieerd door de KLM Harmonie, nemen tal van harmonie-orkesten deel uit de regio Amsterdam. Er moeten uiteenlopende muziekstukken worden gespeeld, zodat de Diemer Harmonie een breed repertoire opbouwt.

Twintigste lustrum

Onder het voorzitterschap van klarinettiste Diny Koremans is de Diemer Harmonie, met dirigent Jan Dirk van der Niet, dit jaar op gepaste wijze haar twintigste lustrum ingegaan. Het orkest telt thans ruim vijftig orkestleden, waarvan ongeveer vijftien leden reeds tien jaar lid zijn. Het eeuwfeest werd op zondag 23 maart jl. gevierd met een luisterrijk concert in de thuisbasis De Omval. Hierbij hanteerde dirigent Van der Niet een historisch dirigeerstokje dat nog gebruikt werd door een dirigent van het Diemer Fanfarekorps. Een van de uitgevoerde werken, “A Century in Harmony”, werd gecomponeerd door voormalig lid Henk Dingelhoff, die na de oorlog in een regimentsorkest van het Canadese leger is gaan spelen. Het stuk “De Omval” was van de hand van dirigent Van der Niet. Het concert werd mede opgeluisterd door de vijf vaandels van de vereniging. Daar ze in slechte staat verkeerden werden ze tot ieders genoegen van te voren door de fluitiste Henny van der Ploeg geheel gerestaureerd. Het officiele gedeelte van de middag bestond uit het opspelden van het ereteken van beschermheer van de Harmonie op de revers van burgemeester B. de Hon. Tot ieders verrassing deelde de burgemeester vervolgens mede dat het hare majesteit de koningin had behaagd voorzitter Diny Koremans en penningmeester Wim Schuurman een koninklijke onderscheiding toe te kennen. Dit alles was niet alleen een waardige beloning voor Diny Koremans, die al weer zo’n 12 jaar voorzitter is, en Wim Schuurman, ruim 25 jaar bestuurslid, maar voor alle leden van de Diemer Harmonie.

Het Diemer Orkestje

In 1952 werd door leden van de Diemer Harmonie een jeugdorkest opgericht. Aan deze jeugdopleiding, die werd geleid door dirigent Hoppe, kwam medio 1958 een einde toen er nog maar twee leerlingen waren. Zo’n zesendertig jaar later bleek, dat de leerlingen van de Stichting Diemer Muziekschool er behoefte aan hadden meer met andere muzikanten te musiceren. Er werd contact gezocht met de Diemer Harmonie, wat in 1994 resulteerde in de oprichting van Het Diemer Orkestje. Berend Schonewille zit het bestuur voor en de Amsterdammer Hurvy Howard is dirigent. Het Diemer Orkestje is inmiddels uitgegroeid tot een heuse formatie met zo’n 35 leden. Het bestaat uit blazers, violisten en slagwerkers. Naast een aantal leden van de Diemer Harmonie en leerlingen van de Diemer Muziekschool maken thans ook enkele ‘gepensioneerde’ Harmonieleden deel uit van het orkest. Een keer per week wordt, eveneens in De Omval, gerepeteerd. Regelmatig vinden er optredens plaats, bijvoorbeeld in het verzorgingshuis De Diem. Het streven is vijf optredens per jaar te verzorgen. Deze kweekvijver van jeugdige muzikantjes belooft veel goeds, niet alleen voor de toekomst van de Diemer Harmonie, maar zeker ook voor alle muziekliefhebbers in Diemen en omstreken.

Met dank voor de verstrekte aanvullende informatie van Hiltje Veldstra (HKD), W. Zanting (Gemeente-archief Diemen), en de volgende leden van de Diemer Harmonie: Diny Koremans-De Groot, Karel Giebel (beheerder van de muziekbibliotheek), Anton L. Kalse en Wim Schuurman.

Noten

1. Gemeentearchief Diemen (GAA): Ingekomen stukken 1902, nr. 116.
2. GAA: Brieven 1902.
3. GAA: Ingekomen stukken 1924, nr. 700.
4. GAA: Ingekomen stukken 1924, nr. 779.
5. GAA: Brieven 1924, nr. 570.

Dit bericht is geplaatst in 2. Historie. Bookmark de permalink. Reacties en trackbacks zijn beide momenteel gesloten.